Ontvang de nieuwsbrief op regelmatige basis
Als, sinds enkele maanden, belgisch inwoner van Zwitserland, kan ik aan uw overigens uitstekend gestoffeerd artikel misschien toch enkele punten verfijnen:
- Technisch is Zwitserland sinds 1848 niet langer een confederatie, maar een federatie. De wetgeving van Ständerat en Nationalrat gaat voor op die van de kantons. De politieke evolutie gaat eerder in de richting van een centralisatie van de bevoegdheden, omwille van de verhoogde arbeidsmobiliteit van de Zwitsers. U kunt zich wel voorstellen wat dat praktisch betekent, wanneer 26 school- en belastingsystemen worden toegepast.
- Er zijn 20 kantons en 6 halfkantons, waaronder het door u geciteerde Obwalden. Het is zo dat de kantons, en zelfs de gemeenten elkaar enige fiscale concurrentie aandoen. In sommige kantons, bijv. Zürich, bestaat de mogelijkheid met de fiscus een forfaitair akkoord te sluiten. Zo wonen nogal wat goedverdienende sporters in het kanton Zürich. - U stelt de afsplitsing van het kanton Jura van het kanton Bern voor als een beslissing in het belang van de subsidiariteit. Vanuit mijn perspectief is dit een oververeenvoudiging. Het feit dat het huidige kanton Jura overwegend franstalig is, was een doorslaggevend argument in dit besluitvormingsproces.
- In het algemeen zien we vaak dezelfde culturele tegenstellingen tussen de strak georganiseerde, eerder stuurse en nationalistische duitstalige Zwitsers en de levensgenietende, open, maar zeer taalbewuste franstalige Zwitsers.
- Voor wat betreft de EU, is het zo dat Zwitserland een aantal bilaterale akkoorden met de EU heeft afgesloten, die het o.a. mogelijk maken dat ik dit stukje zonder veel administratieve problemen schrijf. Ook hier gaat de evolutie in de richting van een verdere integratie van Zwitserland in de EU door middel van bilaterale akkoorden en overname van Europese systemen. De aanvraag van het lidmaatschap werd in 2001 door de bevolking weggestemd en staat sindsdien niet meer op de politieke agenda.
- Hoewel ik een aanzienlijke bewondering heb voor de Zwitserse directe democratie, ben ik bijna zeker dat dit model niet voor België zou werken. De machtsverhoudingen liggen anders: in de praktijk kunnen de overwegend Duitstalige kantons politiek altijd de doorslag geven in taalgevoelige materies indien er voldoende taalkundige eenheid is dwars door de partijpolitieke lijnen. De meeste partijen zijn namelijk taaloverschrijdend georganiseerd, uiteraard met kantonale vertegenwoordigingen. Overigens zijn er ook een paar meertalige kantons, waarvan Fribourg/Freiburg het meest sprekende voorbeeld is. Speltheoretisch benaderd is het bijna altijd mogelijk gebleken een meerderheid te vinden die een beslissing in enkele stappen, i.e. een maximumtermijn van 1 jaar, kan doordrukken of tegenhouden. Dit is uiteraard niet mogelijk indien de spelregels voorzien dat men met twee bijna evenwaardige spelers, voorziet in een wederzijdse blokkeringsmogelijkheid in het wetgevend proces. Daarom is het niet zeker dat een kantonale opsplitsing in België de inpasse doorbreekt, dit hangt dan af van hoe de overeenkomstige Ständerat en Nationalrat dan verkozen worden, en welke meerderheid dan nodig is om de grondwet te wijzigen. Daar komt uiteraard nog bij dat de Zwitserse welvaart gelijkmatig over de taalgroepen verdeeld is, met enige voorsprong voor de franstalige kantons Genève en Vaud, en het duitstalige kanton Zürich.
Conclusie: een studiereis is altijd nuttig, maar de belgische situatie is zo uniek, dat we m.i. zelf met een oplossing zullen moeten komen, hoe moeilijk dit ook blijkt te zijn.