Ontvang de nieuwsbrief op regelmatige basis
De opstelling van de Franstalige politici verschuift van de verdediging van indivuele rechten van de Franstaligen in BHV naar een uitbreiding van hun territorium. Hun steeds hogere eisen worden alsmaar minder aanvaardbaar voor de Vlamingen. Een stemming van de splitsing van BHV is dan nagenoeg niet meer te vermijden. Als de regering door een Franstalig veto die wet dan niet bekrachtigt, is het einde van het federale België in zicht. Zullen ze zover gaan? Aan de Vlamingen om het uit te testen: stem de splitsing, 'onverwijld'..
We schreven hier eerder dat er een nieuwe argumentatie ontwikkeld werd bij de Franstalige landgenoten om zich te verzetten tegen de splitsing van BHV. De Waalse constitutionalist Christian Behrendt (Universiteit van Luik) betoogde in een artikel in Le Soir van 30 april '08 dat in het internationale recht het principe zou gelden dat, wanneer een deel van een staat zich onafhankelijk verklaart, de grenzen zoals die bestonden vóór de afsplitsing zoveel mogelijk moeten worden gerespecteerd. Zolang BHV niet is gesplitst, kan er vanuit internationaal-rechtelijk perspectief betwisting bestaan over de vraag wat nu precies de grens is van Vlaanderen. De taalgrens wordt immers doorkruist door de electorale grens op basis waarvan Halle-Vilvoorde bij Brussel hoort. Vanuit 'geopolitiek' oogpunt hebben de Franstaligen er volgens Christian Behrendt dus alle belang bij om BHV niet te splitsen, tenzij het Brusselse Gewest wordt uitgebreid. In zijn ogen is BHV voor de Franstaligen een ontzettend kostbare diamant. Als ze die al zouden willen verkopen, dan moeten ze er een zeer hoge prijs voor vragen. (Zie het artikel hier...)
Een dergelijke redenering werd meteen overgenomen door La Libre Belgique. Deze krant geeft toe (08.05.08) dat het kiesarrondissement objectief gezien een anomalie is in het institutionele landschap, en het enige gevolg van de splitsing zou zijn dat de Franstaligen in Vlaams-Brabant niet meer op Brusselse kandidaten zouden kunnen stemmen, maar wel nog op Franstalige Brabantse kandidaten. "C'est tout ? A priori, oui." Maar.. er zijn natuurlijk andere redenen om niet toe te geven, ondermeer dat... als BHV gesplitst wordt, bij een onafhankelijkheid van Vlaanderen de taalgrens de staatsgrens zou worden, zonder enig verhaal voor de Franstaligen in Vlaanderen om die in vraag te stellen.
Jacques Autenne, hoogleraar aan de UCL en de Koninklijke Militaire School, lanceerde in La Libre Belgique (21.05.08) een ander 'geostrategisch' voorstel om de BHV-kwestie op te lossen (gedeeltelijk overgenomen in DS 22 mei). De Franstaligen zouden moeten kunnen instemmen met de splitsing van het arrondissement, mits de Franstaligen nog (een niet nader bepaalde tijd) het recht zouden behouden om een beroep te kunnen doen op Franstalige rechtbanken. Dat is echter niet zijn enige eis: in ruil voor de splitsing zou Vlaanderen alle auto-, water, en spoorwegen moeten afstaan die Brussel met Wallonië verbinden. Hij noemt ook namen: de autosnelweg naar Namen, de Waterloosesteenweg, de Terhulpsesteenweg tot aan Groenendaal, eventueel zelfs de verbinding via Halle om naar Doornik te rijden. Hij vergelijkt zijn voorstel met de autosnelweg en de luchtcorridor die West-Berlijn verbond met West-Duitsland over Oost-Duits grondgebied. Op die manier zou Vlaanderen geen territorium verliezen, maar krijgen de Franstaligen een 'fysieke verbinding' tussen Brussel en Wallonië.
Olivier Maingain maakt nu deze 'geopolitieke' argumentatie tot de zijne. In een interview met Le Soir (17.05.08) laat hij geen twijfel bestaan over de uitbreidingseis: "de Franstaligen die de splitsing van BHV aanvaarden zonder een uitbreiding van Brussel, nemen een zware historische verantwoordelijk op zich: ze zouden onherroepelijk Brussel in Vlaanderen plaatsen, en het separatisme in Vlaanderen natuurlijk niet verhinderen, maar juist versnellen. De splitsing zonder uitbreiding van Brussel is totaal uitgesloten. De Franstaligen moeten aan de toekomst denken, nadenken in termen van territorium, van toekomstige grenzen, anders zullen ze gestrikt worden."
Dit 'geostrategisch' discours wordt nu ook door Di Rupo overgenomen. In een interview met Le Soir (26.05.08) legt hij dat uit: "Als de Vlamingen hun eis van de splitsing van BHV handhaven, zal ze niet zomaar doorgaan. De Franstaligen hebben geostrategische redenen. Ziehier mijn redenering. De Franstaligen rond Brussel hebben drie soorten persoonsgebonden rechten: een kiesrecht, dat het hen mogelijk maakt op Brusselse personaliteiten te stemmen; ze kunnen in het Frans terecht bij justitie; en ten slotte zijn er de faciliteiten in zes gemeenten. Die drie rechten vormen als het ware bruggen, die de taalgrens overbruggen, wat betekent dat deze geen staatsgrens is. De hele strategie van de Vlaamse politieke verantwoordelijken bestaat erin die bruggen een na een te laten springen, om Brussel in Vlaanderen te isoleren, en de taalgrens te bevestigen als een potentiële staatsgrens. Dit schema willen we niet. Het zal niet doorgaan. En als Vlaanderen de stap zet naar autonomie zal ons antwoord zijn Brussel en Wallonië te verenigen. We zullen dan uiteraard wel een oplossing vinden voor de Vlaamse minderheid van ongeveer 100.000 personen in Brussel. Ons kader wordt dan een Franstalige federatie."
Volgens policoloog Bart Maddens (in een opiniestuk in DS 24.05.08) is het op het eerste gezicht niet zo evident dat de Franstaligen zich mordicus tegen de splitsing verzetten. "Nuchter bekeken staat er voor hen niet zo heel veel op het spel in BHV. Dat zij zich met hand en tand verzetten tegen een splitsing van de sociale zekerheid is gemakkelijk te begrijpen, want hier is de welvaart van honderdduizenden Walen in het geding.... Ook als BHV wordt gesplitst, zullen de Franssprekenden in de rand normaal gezien een eigen vertegenwoordiging hebben in de Kamer. Van een inbreuk op een fundamenteel democratisch grondrecht is hier met andere woorden geen sprake. Hooguit riskeren de Franstalige partijen een paar tienduizenden stemmen te verliezen. Leuk is natuurlijk anders, maar is dat de moeite om het land op de rand van de afgrond te brengen?" Het lijkt hem op het eerste gezicht bovendien nogal twijfelachtig dat de grenzen tussen een toekomstige Vlaamse en Waals-Brusselse staat mee zouden worden bepaald door de huidige indeling in kieskringen, zoals Christian Behrendt beweert. "Wat er ook van zij, het feit dat de Franstaligen dit soort argumenten gebruiken om zich tegen de splitsing van BHV te verzetten is op zich veelzeggend. Het bevestigt dat de splitsing van België voor hen een zeer reëel toekomstperspectief is, dat nu al richtinggevend is voor hun politieke handelen. De Franstaligen houden er kennelijk ook ernstig rekening mee dat het door de RTBF opgeroepen spookbeeld van de wegblokkades aan de taalgrens ooit werkelijkheid wordt. Maar de Franstaligen zien daar duidelijk een reële bedreiging in. Het is precies om te vermijden dat Brussel ooit een West-Berlijn-achtige enclave op vijandig Vlaams grondgebied zou worden dat ze zoveel belang hechten aan het creëren van een 'corridor' tussen Brussel en Wallonië. Een vergezochte en zelfs lachwekkende vergelijking? Niet voor Jacques Autenne, die in alle ernst verklaart dat zijn idee van een 'fysieke verbinding' mee is geïnspireerd door de luchtbrug tussen West-Duitsland en West-Berlijn. Bijgevolg zal hij ook wel de luchthaven van Zaventem in het vizier hebben. Volgens deze geopolitieke logica is de sterke aanwezigheid van Franstaligen in de rand weliswaar mooi meegenomen, maar in wezen niet essentieel. Zelfs mochten Sint-Genesius-Rode of Zaventem volledig Nederlandstalig zijn, dan nog zouden de Waals-Brusselse strategen er een begerig oog op laten vallen. Mag het voorstel dan al vrij bizar en wellicht moeilijk realiseerbaar zijn, het heeft wel de verdienste om zeer duidelijk te maken waar het de Franstaligen écht om te doen is in dit dossier."
Het betekent dat de eerder gehanteerde argumentatie van de vrijheid (van taal) voor het individu (die alleen maar in één richting in Vlaanderen mag werken natuurlijk) versus het Vlaams territorialiteitsprincipe verlaten wordt, ten voordele van eveneens een territorialiteitsprincipe. De 'verworven rechten' van de Franstaligen in Vlaanderen worden niet meer met hand en tand verdedigd; men laat ze desnoods vallen als er maar een uitbreiding van het territorium mee verbonden is. Met de woorden van Bart Maddens: "De Vlamingen hebben lang gedacht dat de Franstaligen gewoon blufpoker speelden als ze een splitsing van BHV koppelden aan de uitbreiding van Brussel. Het was enkel een manier om de prijs voor de splitsing wat op te drijven. Als puntje bij paaltje kwam zouden ze wel vrede nemen met wat meer centen voor Brussel, de benoeming van de drie burgemeesters en in het slechtste geval een uitdovend inschrijvingsrecht in de faciliteitengemeenten. Maar nu blijkt dat het de Franstaligen wel degelijk menens is met die uitbreiding." En hij besluit met de vaststelling dat deze opstelling betekent dat het probleem zo goed als onoplosbaar is via onderhandelingen.
Blijft dan nog over, de stemming van de splitsing van BHV met een gewone (in dit geval: Vlaamse) meerderheid in het parlement. We schreven hier al eerder dat dit perfect legaal is, in het artikel 'BHV gesplitst = België gesplitst?' (zie hier... ): "Volgens het bestaande institutionele kader binnen die Belgische consensusdemocratie is de splitsing van BHV geen zaak van een consensus tussen een Vlaamse meerderheid en een Franstalige minderheid, maar kan ze met een gewone meerderheid goedgekeurd worden, dus door de Vlamingen alleen, ook als dat Franstalige politici niet bevalt. Dat zijn de spelregels, niet alleen voor BHV, maar voor alle wetten die zonder bijzondere meerderheid kunnen goedgekeurd worden. Wetten kunnen ook door een coalitie waarin de Franstaligen zorgen voor een meerderheid, met steun van minder dan de helft van de Vlaamse parlementsleden goedgekeurd worden, ook als dat sommige Vlaamse partijen niet bevalt." De grondwetgever van 1970 vond een aantal aangelegenheden zo belangrijk voor het institutionele evenwicht in België, dat er enkel over kan worden beslist met een meerderheid in de beide taalgroepen. Die lijst is behoorlijk lang, maar de federale kieswetgeving is daar niet bij. Hier gaat het dus over een zaak die volgens de grondwet niet hoeft te worden geregeld via de besluitvormingsregels van de pacificatiedemocratie, en waarover de Vlamingen dus niet vooraf hoeven te onderhandelen met de Franstaligen. Tijdens de paarse regeringen zijn een aantal wetten over vrij fundamentele ethische aangelegenheden door een eenzijdige meerderheid opgelegd, tegen de katholieke minderheid in. Dat was eveneens zo in 1990, toen er een vrijzinnige wisselmeerderheid ontstond om de abortuswet goed te keuren. Wetten die volledig legaal zijn goedgekeurd, ook door een parlementaire wisselmeerderheid, moet de regering zonder meer bekrachtigen. Doet ze dat niet, dan zet ze de democratie volledig buiten spel. Als de Franstalige ministers in de regering weigeren de wet over de splitsing van BHV te bekrachtigen nadat ze in het parlement is goedgekeurd, valt de regering. Als ze niet van plan zijn die te bekrachtigen, zorgen ze er wellicht voor dat de regering al valt voor de stemming. Dan volgt er helemaal geen stemming meer, gezien het parlement ontbonden is. Als ze dit doen, betekent het dat de Franstaligen gebruik maken van een nieuw soort veto, dat ze desnoods kunnen gebruiken voor alle onderwerpen die niet aan een speciale parlementaire meerderheid onderworpen zijn. Daarmee zetten ze de principes van de federale rechtsstaat en van de spelregels afgesproken in deze consensusdemocratie volledig buiten spel. Nog afgezien van de juridische problemen die opduiken bij een nieuwe verkiezing zonder splitsing. Zelfs als die volgens sommigen overbrugbaar zouden zijn, toch blijft het feit dat de Franstaligen dan een fundamentele stap gezet hebben van een federatie naar een confederatie van afzonderlijke staten, waarbij elk altijd een vetorecht kan hanteren. Met de woorden van Bart Maddens:"Geen enkele Vlaamse politicus kan het zich veroorloven om akkoord te gaan met een uitbreiding van Brussel. En de kans dat de Franstaligen BHV zullen willen splitsen zonder die uitbreiding is kleiner dan ooit. Daarmee lijkt de BHV-saga te zullen uitdraaien op een mooie self-fulfilling prophecy: de Franstaligen doen zo moeilijk over BHV omdat ze rekening houden met een mogelijke splitsing van België, maar precies daardoor brengen ze die splitsing met sneltreinvaart dichterbij."
Als de Vlamingen in het parlement de splitsing goedkeuren, respecteren ze de krijtlijnen het federaal Belgisch model. Als de Franstaligen er zich tegen verzetten, zetten ze het voortbestaan van de federatie op het spel. Zullen ze het zover laten komen? Een voorstel aan de Vlaamse parlementsleden: zet de stemming op de agenda, en test de federale loyaliliteit van de Franstaligen. Het respect van de afgesproken principes om een democratische staat te laten functioneren is volgens mij belangrijker dan het voortbestaan van België in zijn huidige vorm. Voor mij mag België best blijven voortbestaan. Maar een staat waar een minderheid om 'geostrategische' redenen de afgesproken democratische regels buiten spel zet, heeft voor mij als democraat geen reden meer van bestaan.
Toevoeging op 02.06.08: het wordt steeds meer 'geopolitiek':
- Het FDF hielden op 02.06.08 in Sint-Lambrechts-Woluwe, de thuisbasis van voorzitter Olivier Maingain, een steunmeeting voor de drie niet-benoemde burgemeesters van de faciliteitengemeenten Linkebeek, Kraainem en Wezembeek-Oppem. Philippe Moureaux, voorzitter van de Brusselse PS-federatie, had het over een 'eenzijdig georchestreerde' manifestatie en vindt dat het FDF niet de juiste strategie hanteert. 'In het belang van de Franstaligen in de Brusselse rand moet je de problemen niet isoleren, maar moet je vastberaden en zonder omwegen de uitbreiding van Brussel eisen', zegt hij.
- Laurette Onckelinckx in De Standaard van 30.05.08: "Brussel-Halle-Vilvoorde gaat over: hebben Wallonië en Brussel al dan niet een aparte toekomst? BHV gaat natuurlijk ook de verdediging van de Franstaligen die in de Rand leven, maar dat is niet de kern van de discussie." (Interviewer: Met een formule als inschrijvingsrecht zouden de Franstaligen uit de Rand nog kunnen stemmen voor iemand in Brussel.) "Wie in Vlaanderen nog gelooft dat het daarover gaat, begrijpt niets van de gevoeligheid van de francofonen. BHV is echt veel fundamenteler dan dat. Dat maakt de discussie zeer moeilijk."
Een uitvoerig overzicht over de thematiek is te vinden in een artikel van Matthias Storme van maandag 2 juni: 'De maskers vallen af: het gaat (ook) om ordinaire gebiedsroof', op zijn website hier.... te lezen