Ontvang de nieuwsbrief op regelmatige basis
Wie het gebied van de ruimtelijke ordening niet volgt, kan de indruk krijgen dat alles er ‘OK’ is. Geen beelden meer van bulldozers die huizen slopen, alleen nog een sporadisch bericht dat een oud koppel riskeert uit zijn permanent bewoond weekeindverblijf gezet te worden. Zonevreemde eigenaars werden in 2001 gesust met ‘basisrechten’. Achteraf bleken die ‘basisrechten’ een leugen, want alleen geldig zolang de aflopende planning met gewestplannen en BPA’s van toepassing zijn. Eenmaal de BPA’s vervangen worden door RUP’s (ruimtelijke uitvoeringsplannen) vervallen die basisrechten. In 2003 werd zogenaamd een verjaring van bouwmisdrijven ingevoerd. Ook deze belofte bleek een leugen. De stedenbouwkundige ambtenaar kan nog 20 jaar lang burgerrechtelijk de afbraak eisen. Kopers worden onder druk gezet om verjaarde overtredingen van de verkoper nog uit te voeren. Van het beloofde ‘uitdovend’ woonrecht voor ouderen die – bij gebrek aan een andere oplossing door hun schamel pensioen – permanent een weekeindverblijf bewonen is er nog steeds niets in huis gekomen. Ook daar blijven deurwaarders actief. Hierna een overzicht van enkele essentiële punten waar nog veel werk aan is om tot een ‘menselijke’ ruimtelijke ordening te komen.
Betwisting onteigeningsbedrag
De gangbare manier van onteigening is deze ‘bij hoogdringendheid’. Ze loopt via een spoedprocedure voor de vrederechter, die voorlopige vergoedingen toekent. De vergoeding is definitief toegekend indien de partijen binnen twee maanden geen herziening hebben aangevraagd. De besturen doen dit vrij systematisch, echter pas NADAT ze de eigendom reeds overgedragen kregen. In de praktijk kan zo een procedure 30 jaar duren. Het gaat om meer dan 3.000 dossiers van personen die de jongste 25 jaar werden onteigend, daarvoor bij een procedure voor de vrederechter een zogenaamde ‘voorlopige’ vergoeding toegekend kregen en jaren nadien veroordeeld werden om daarvan een groot deel en in sommige gevallen zelfs meer dan de oorspronkelijke vergoeding terug te betalen. Bij de onteigeningsprocedure moet een verbod ingevoerd worden voor de overheid om het door de rechter toegekende bedrag in herziening te betwisten, nadat ze reeds bezit nam van het goed: geen definitief akkoord, geen eigendomsoverdracht. Dit is federale materie, maar de Vlaamse regering kan vrij eenvoudig beslissen dat zij deze procedure niet meer gebruikt, en alleen de gewone onteigeningsprocedure.
Heirkracht
Bij heirkracht gaat het erom dat een eigendom niet door eigen fout volledig of grotendeels wordt verwoest: een vrachtwagen beukt tegen de gevel, blikseminslag met brand, enz. Dan denk een normale sterveling toch dat men zijn eigendom terug mag herstellen in de vorige staat, zonder hiervoor afhankelijk te zijn van een stedenbouwkundige vergunning. Niets is minder waar. Men moet steeds een vergunning krijgen. In woongebied zal dit in de regel weinig problemen opleveren, tenminste als de vorige bouw (hoofdzakelijk) vergund was, maar voor zonevreemde woningen stelt er zich een zeer ernstig probleem. Alleen in stedenbouwkundig niet-kwetsbare gebieden kan een zonevreemd gebouw een vergunning krijgen voor heropbouw. De heropbouw moet echter wel beperkt worden tot maximum 1 000 kubieke meter, hoe groot het bouwvolume daarvoor ook was. Dit is een decretaal geregelde diefstal van een wettig eigendom. Adieu dus landelijke, volstrekt legale kasteeltjes. Sommige abdijen en kloosters zijn ook zonevreemd. Zal men ook hen dwingen ee villa te bouwen ter vervanging van hun oude gebouwen? Of zal de minister dan plots een uitzondering uit zijn hoed toveren om zich publiek niet te belachelijk te maken? In kwetsbare gebieden is heropbouw verboden, en moet op vraag van de eigenaar de overheid het pand en de grond opkopen. Zonevreemde eigenaars in niet-kwetsbare gebieden die b.v. geen vergunning krijgen voor heropbouw omdat ‘de ruimtelijke draagkracht van het gebied overschreden wordt’, krijgen helemaal niets. Dit ‘uitdoofbeleid’ moet stoppen: een (hoofdzakelijk) vergund gebouw moet bij heirkracht kunnen heropgebouwd worden zoals het er stond, zonder de beperking van maximum 1 000 vierkante meter, in alle gebieden, en zonder vergunning.
Instandhoudingwerken
Een normale sterveling denkt dat hij zijn woning mag onderhouden, bijvoorbeeld een nieuw dakgebinte steken of een scheve buitenmuur heropbouwen, al of niet met dezelfde stenen, zonder hiervoor afhankelijk te zijn van een stedenbouwkundige vergunning. Niets is minder waar. In het oorspronkelijk decreet Ruimtelijke Ordening van 18 mei 1999 waren alle instandhoudingswerken wel nog vergunningsvrij. Dat werd begin 2000 gewijzigd. Alhoewel de zonevreemden toen in het vizier waren, betekent het ook dat voor alle woningen in alle gebieden, ook in een straat midden in de gemeente, nu een vergunning nodig is voor instandhoudingswerken, behalve voor instandhoudings‑ of onderhoudswerken die zogenaamd ‘geen betrekking hebben op de stabiliteit’.
Instandhoudings‑ of onderhoudswerken die wel betrekking hebben op de stabiliteit zijn werken die betrekking hebben op de constructieve elementen van het gebouw, zoals:
1° vervangen van dakgebintes of dragende balken van het dak, met uitzondering van plaatselijke herstellingen;
2° geheel of gedeeltelijk herbouwen of vervangen van buitenmuren, zelfs met recuperatie van de bestaande stenen.
Wie hiervoor geen voorafgaandelijke vergunning heeft pleegt een bouwmisdrijf. Alle onderhouds- en instandhoudingswerken in om het even welk gebied moeten opnieuw kunnen zonder vergunning.
Recht van voorkoop
In de laatste jaren heeft de Vlaamse overheid een kleine tiental rechten van voorkoop ingevoerd ten gunste van zichzelf. Zogenaamd om de verwerving van gronden voor 'maatschappelijke doeleinden' te bevorderen, zowel bij onderhandse als bij openbare verkoop. Het heeft echter een pervers effect. Wie zal nog een ernstig bod doen op een perceel of eigendom, als hij weet dat hij wellicht nutteloos biedt, gezien Vlaams Gewest, gemeente, OCMW, of een sociale huisvestingsmaatschappij de aangeboden onroerende goederen zonder enige moeite kunnen verwerven. Een eigendom verliest van zijn waarde, alleen al omdat er een recht van voorkoop op rust. De lasten zijn dus eenzijdig voor de onschuldige burger. Bovendien meldde de Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) recent dat overheidsinstellingen via het voorkooprecht vaak panden en terreinen hebben gekocht die ze dan jarenlang onaangeroerd laten bij gebrek aan investeringsmiddelen. Zowel de Vlaamse Huisvestingsmaatschappij als de Vlaamse Landmaatschappij oefenen slechts voor 0,5% van de aanbiedingen effectief hun recht van voorkoop uit. In heel Vlaanderen maken de SHM’s bijna nooit gebruik van hun voorkooprecht, zoals blijkt uit onderzoek door de VCB. Slechts in minder dan drie op duizend keer oefenden ze hun voorkeurrecht uit dat hen aangeboden werd tussen november 1998 t.e.m. november 2004.
Het voorkooprecht ten gunste van overheden moet gewoon afgeschaft worden. Wanneer nog niet eens drie op de duizend verkopen met voorkooprecht ertoe leiden dat van het toegekende recht gebruik gemaakt wordt, is het toch zelfs voor een leek duidelijk dat hier een ongepaste en onterechte procedure wordt gebruikt. Alle Vlaamse voorkooprechten moeten niet ‘geharmoniseerd’ worden zoals de regering voorstelt, maar gewoon afgeschaft, wegens tergend en inefficiënt. De overheid kan onderhands aankopen wanneer ze een goed wil kopen, na onderhandelingen met de eigenaar. En als dat niet lukt, beschikt ze bij motivatie dat het om het ‘algemeen belang gaat’ over het instrument van de onteigening. Dat is al meer dan genoeg.
Meerwaarde
Bij een proces over een bouwmisdrijf kan de procederende overheid de betaling vorderen van een geldsom gelijk aan de meerwaarde, in plaats van bijvoorbeeld afbraak. Dan dient deze vorderende instantie aan de rechtbank te vermelden of aan het goed nog instandhoudings- of onderhoudwerken, die betrekking hebben op de stabiliteit, mogen worden uitgevoerd. Als deze instantie dit niet expliciet vermeldt, kan en mag de rechter dit niet in zijn vonnis opnemen, en is volgens het decreet dergelijk structureel onderhoud aan dit gebouw verder ten eeuwigen dage verboden. (Art. 149: .. Bij een vordering tot betaling van een geldsom gelijk aan de meerwaarde, vermeldt de stedenbouwkundig inspecteur of aan het goed nog instandhoudings- of onderhoudswerken die betrekking hebben op de stabiliteit mogen worden uitgevoerd.). Bovendien blijft een dergelijke constructie 'gedoogd' en niet volwaardig vergund. Dit komt neer op een soort langzame onteigening zonder vergoeding, terwijl de meerwaarde geen klein bedrag is: ze komt minimaal ongeveer overeen met een tot twee maal DE BOUWKOST van de overtreding. Men betaalt dus minstens nog een tot twee keer, echter oplopend tot ongeveer TIEN keer de bouwkost om zijn gebouw te behouden, zonder eventueel nog enig structureel onderhoud te mogen uitvoeren. Bovendien, zelfs als de rechter structureel onderhoud toelaat, moet men later hiervoor ook nog eerst een vergunning zien te bekomen. De veroordeling tot een 'meerwaarde' is dus vergelijkbaar met de beste maffiapraktijken. Ze is hoogstens betaalbaar voor kleine overtredingen, anders kan men ‘beter’ veroordeeld worden tot afbraak.
Openbaar onderzoek zonevreemd
Bijna elke zonevreemde vergunning moet worden voorafgegaan door een openbaar onderzoek. Deze tergende verplichting, niet opgelegd voor zone-eigen constructies, moet afgeschaft worden.
Verjaring
1. In 2003 werd een verjaring van een deel van de bouwmisdrijven ingevoerd. De slordige decreettekst heeft het over de afschaffing van de ‘strafsanctie van de instandhouding’, i.p.v. over de afschaffing van de instandhouding van onvergunde bouwwerken als een afzonderlijk bouwmisdrijf. De betrokken bouwwerken gelden echter niet als vergund, zelfs niet na de betaling van een meerwaarde (zie ook onder Meerwaarde), maar als ‘gedoogd’. Tijdens de bespreking in 2003 verklaarde de heer Lachaert nochtans dat hij “van oordeel is dat in geval van de verjaring van een dossier dat niet beschouwd wordt als een grote hinderzaak, het dossier in het kader van de rechtszekerheid als vergund moet worden beschouwd. Anders blijft de rechtsonzekerheid bestaan, zeker ten aanzien van de latere eigenaars (erfgenamen, kopers)… Aan de verjaring moet daarom ook de vergunbaarheid gekoppeld worden, anders blijft de rechtsonzekerheid voortbestaan.” (Verslag, pag. 8). Hiervan is echter in de eigenlijke decreettekst niets terug te vinden.
2. Bovendien is de beloofde verjaring na vijf jaar een manifeste leugen. Overal kan de stedenbouwkundige ambtenaar nog 20 jaar lang burgerrechtelijk de afbraak eisen.
3. Maar ook dan is het nog niet gedaan. Volgens art. 137, §1, vierde lid, DRO moet bij verkoop van een onroerend goed waarop een definitieve rechterlijke beslissing tot het uitvoeren van een herstelmaatregel rust een afzonderlijke notariële akte opgesteld worden. Daarin moet de nieuwe eigenaar de verbintenis aangaan om de opgelegde herstelmaatregel uit te voeren. Hiermee probeert de inspectie verjaarde en meer dan dertig jaar oude bouwmisdrijven te laten uitvoeren.
4. de 'verjaring' geldt bovendien niet in zogenaamd 'stedenbouwkundige kwetsbare gebieden'. Daar kan eeuwig voor de minste prutsovertreding opgetreden worden, ook al bepalen sommige gebouwen reeds honderden jaren voor die discriminerende regel van de niet-verjaring werd ingevoerd het landschap waarin ze ingebet zijn.
Bouwmisdrijven horen overigens niet in het strafrecht: gevangenis en boetes heffen de bouwovertreding niet op.
Er moet een echte verjaring komen na vijf jaar, in alle gebieden, met afschaffing van alle achterpoortjes.
Zonevreemd
Een volstrekt legaal gebouwde constructie werd zonevreemd bij de invoering van de gewestplannen, als ze niet in woonzone, maar bijvoorbeeld in landbouwzone werd gelegd. Ze mocht er al honderden jaren staan, ze kreeg plots veel minder rechten op verbouwen, uitbreiden of herbouwen. De hele discriminerende regeling is te complex om ze hier te behandelen. Er is wel een eenvoudige en billijke oplossing om de zonevreemdheid kort en bondig af te schaffen, door volgende tekst: “Alle woningen die bestonden voor 22 april 1962 en alle woningen die nadien met een regelmatige vergunning werden gebouwd bevinden zich van rechtswege op een huiskavel die deel uitmaakt van het woongebied. Alle bedrijven waarvan de gebouwen werden opgericht voor 22 april 1962 of die nadien werden opgericht met een regelmatige vergunning bevinden zich van rechtswege op een bedrijfskavel.”
Minimaal moeten minstens de ‘basisrechten’ blijven gelden, ook bij de nieuwe ruimtelijke uitvoeringsplannen.
Eigendomsverachting
De hele regelgeving over ruimtelijke ordening ademt misprijzen uit voor het eigendom van de burger en machtsmisbruik van de overheid. Dat is de kern van de zaak, waarvan de basis gelegd wordt door communisten en hun sympatisanten tijdens en na WO II. Waarom mag een kasteeltje in kwetsbaar gebied niet identiek heropgebouwd worden als het uitbrand? Waarom kunnen zelfs de kleinste bouwmisdrijven in kwetsbare gebieden nooit verjaren, al staan die gebouwen er soms al veel langer dan er van enige regelgeving sprake was? Waarom mag iemand bij onteigening uit zijn huis gezet worden vóór er een definitieve regeling is? Waarom moet men een vergunning hebben om zijn dak te vernieuwen? Er zal pas een menselijke stedenbouw zijn als het decreet herschreven wordt met meer respect voor de burger dan voor hamsters, planologen en stedenbouwkundige zeloten.
Vervolg op dit artikel, zie hier...
Reacties
Proficiat!In deze tekst is
Proficiat! In deze tekst is alles eens op een rijtje gezet.
Ik ben bezig met mijn column voor Trends. Mag ik enkele zaken uit je tekst halen en verwerken in mijn column? Ik vind het jammer dat er zo weinig zaken op het net te vinden zijn over het probleem "ruimtelijke ordening". Ik ben tevergeefs op zoek naar informatie over Agentschap Bos en Natuur, de grootste vastgoedmaatschappij in Vlaanderen, de militaire tak van de maoistische planologen. Die worden door niemand nog gecontroleerd. Ze leven zich uit met zinloos geweld. Niemand doet er iets aan. Heb jij daar informatie van? Hoeveel amtenaren zijn dat eigenlijk? Hoe is de relatie tussen 'Natuurpunt en 'Agentschap Bos en Natuur'? Nogmaals proficiat. Wim
Agentschap
beste Wim,
helaas kan ik je geen zinvolle antwoorden geven op je vragen over het Agentschap Natuur en Bos. Ik heb mij jaren verdiept in Ruimtelijke Ordening, en niet, of toch veel te weinig, in het thema natuur en de betreffende regelgeving om een degelijk antwoord te kunnen geven. Het zijn inderdaad geen klein clubje, maar een grote organisatie..
Uit hun jaarverslag 2009: het Agentschap Natuur en Bos is met bijna 40 000 hectare bossen, natuurreservaten en parken in eigendom en meer dan 70 000 hectare in beheer, de grootste groenbezitter en -beheerder van Vlaanderen. In 2009 werkten 819 mensen bij het Agentschap voor Natuur en Bos. Net zoals in 2008 bedroeg het totale budget van het agentschap ongeveer 115 miljoen euro. Ongeveer de helft daarvan gaat naar wedden, toelagen en subsidies.
Agentschap Bos en Natuur
Beste Wim Delvoye, Het Agentschap Bos en Natuur heeft een pagina op Facebook. Recent stelde ik hen via die pagina op Facebook een vraag, met name: hoe komt het dat zoveel gezonde Amerikaanse eiken in Vlaanderen geveld worden, terwijl Vlaanderen één van de regio's met het minste aantal bomen in Europa is. Dit n.a.v. een opmerking van iemand die de standpunten van het Agentschap Natuur en Bos steunde en stelde dat voor hem Amerikaanse eiken, niet inlandse bomen, gelijk zijn aan onkruid. Needless to say, zijn Amerikaanse eiken geen onkruid, en evenmin is dat het geval met de Canadeze populieren. Beide boomsoorten zijn niet gevaarlijke exoten, zeker niet te vergelijken met bamboo, vogelkers e.a. nefaste woekerplanten. Needless to say: ik kreeg ook geen antwoord op mijn vraag aan het Agentschap Natuur en Bos. In Schoten zijn recent historische lanen met Amerikaanse eiken e a statige bomen geveld door het Agentschap. Dat men de voorkeur geeft aan inlandse bomen bij nieuwe aanplantingen, daar kunnen de meeste mensen in komen, maar het vellen van gezonde bomen omdat het zogenaamde exoten zijn, terwijl Vlaanderen zo weinig bomen heeft, dat is onverstandig en onnodig, want niet hoogdringend. Wel hoogdringend is dat het Vlaamse Gewest zijn achterstand inhaalt in het creëren van meer groene zones met bomen.
Beste Bea Hanssen, Ik vind
Beste Bea Hanssen,
Ik vind dat bijzonder jammer.
Amerikaanse eiken en Canadese populieren zijn al een tijdje onderdeel van ons landschap.
De scheiding tussen endemisch en uitheems is trouwens moeilijk te trekken. Veel inheemse boomsoorten zijn hier maar pas in de Middeleeuwen toegekomen.
Het Agentschap is heel actief in het verdelgen van uitheemse soorten, zoals ook de Spaanse onzelieveheersbeestjes en de Canadese gansen. In naam van "het algemeen belang" controleren zij ook privé-terreinen, op zoek naar de "sans-papiers" van de natuur.
En aangezien men van houtkap ook nog geld kan verdienen, is het Agentschap bijzonder gemotiveerd om die buitenlandse bomen met wortel en al uit te roeien, zonder de buurtbewoners te consulteren.
Het Agentschap Bos en Natuur is een soort groene versie van de SS. Vreemdelingenhaat heeft hier zijn groene versie gevonden.
Ik las deze week dat de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid bezig is met alle katten (en eigenaars) te registreren en met grootschalige sterilisatieplannen.
Niet omdat katten uit Noord-Afrika komen, maar "om de katten een heleboel leed te besparen".
Groeten,
Wim
Beste Wim Delvoye
Als sympathisant van Groen vind ik dat er meer gediscussieerd moet worden over waarom er in Vlaanderen zoveel Amerikaanse eiken en Canadeze populieren geveld worden. En vind ik het problematisch als er door sommigen gezegd wordt dat Amerikaanse eiken bijna zoals onkruid zijn. Maar ik deel uw mening zeker niet dat het Agentschap Natuur en Bos "de groene versie van SS" is. Zulke overdreven uitlatingen helpen de discussie zeker niet, mijns inziens, maar breken verdere discussie af. Laten we proberen de discussie op wetenschappelijke en sobere wijze te voeren.
voor trends
beste Wim,
bedankt voor de complimenten
natuurlijk mag je iets overnemen voor een column in Trends. Echter niet alles wat in de tekst staat is vandaag nog geldig, gezien het decreet RO ondertussen al enkele keren gewijzigd is. Op de andere vragen zoek ik een antwoord, in het weekend.
Ik vraag me ook af of
Ik vraag me ook af of kasteeldomeinen niet beter af waren met de oorspronkelijke families er in. De domeinen, meestal nog genoemd naar een familienaam, waren toen goed onderhouden door hun privé-eigenaren.
De meeste domeinen in Vlaanderen zijn maar beginnen verloederen toen de domeinen "beschermd" werden.
Het Agentschap Natuur en Bos heeft 37 300 hectares bossen en domeinen in bezit en de meeste van die domeinen zijn nu in hele slechte staat. Hoe heeft dat Agentschap al die hectares in handen gekregen? Hoe bewaken ze nu die kasteeltjes nu de eigenaars eruit gepest zijn, onder het mom van "het algemeen belang"?
Met hoeveel ambtenaren moeten er nu niet zijn om diezelfde domeinen te onderhouden?
Ruimtelijke ordening
Ik was eigenaar van een zonevreemde woning in kwetsbaar gebied. De Vlaamse Regering heeft schaamteloos het eigendomsrecht van zonevreemden omgetoverd in rechtsonzekerheid. De zelfde regering heeft dan nog ook geinvesteerd in bedriegelijke reclame via mededelingen in pers en andere media om zonevreemden gerust te stellen en te sussen. Ik werd het beu. Mij rechten werden met de voeten getreden. Nu leef ik in Waals Brabant. Een gelijkaardige historie is het invoeren van heffingen op leegstand. De doelstellingen van deze wetgeving zijn verdedigbaar : leegstand en verkrotting die ermee gepaard gaat tegen te gaan. Om het gemakkelijk te maken heeft de Vlaamse Regering een juridische fictie uit de mouw getoverd. Leegstand staat plots gelijk met het gebrek aan inwoners op de verdiepingen. De rechtbanken oordelen gelukkig meestal na een uitputtingsslag in het gerecht dat leegstand een feitelijke toestand is, en dat leegstand moet worden bewezen.
ruimtelijke ordening
Proficiat met uw gedegen overzicht van de problematiek van de ruimtelijke ordening in Vlaanderen in een notendop. Graag voeg ik er nog enkele ernstige feiten bij: 1° Het 'uitdoofbeleid' dat nogal wat overheden t.a.v. al dan niet vast bewoonde weekendverblijven menen te moeten hanteren. Aangezien er voor uitdoving geen wettelijke basis is, betekent dit dat mensen bewust in een rechtsonzekere situatie worden gehouden in de hoop dat zijn het 'spontaan' voor bekeken houden. Oudere eigenaars kunnen hun onvergund maar vaak wel 'vermoedelijk vergund' weekendverblijf slechts moeilijk verkopen, tenzij vaak aan de groenen die een klein prijsje ervoor geven en die dan beginnen de buren lastig te vallen in de hoop nog meer gesubsidieerde groene ruimte in de wacht te slepen. Laat ons zeggen wat het is: 'uitdoofbeleid' is een non-beleid, een verrottingsstrategie die de onbekwaamheid van de overheid die het hanteert, aantoont.
2° De bijzonder onduidelijke situatie voor de vaste bewoners: in sommige gemeenten probleemloos ingeschreven in een weekendverblijf, zelfs met een welkomstpakket erbij; in andere gemeenten wordt er 'voor de vorm' een PV opgemaakt waarbij men zegt 'dat daar toch niets van komt'; nog elders wil men verder gaan en vervolging instellen maar doet het parket niet mee; nog elders wordt er effectief vervolging ingesteld met burgerlijke partijstelling. Daarnaast is er de creatie van 'recreatieve woonzones', 'recreatiezones met beperkt woonrecht' en tutti quanti.
3° De steeds hogere kosten die men aan weekendverblijvers die willen/kunnen regulariseren oplegt: het meest absurde is ongetwijfeld dat men een watertank van 3000 l. moet maken om het regenwater op te vangen. Noteren we dat het gaat over weekendverblijven van maximaal 80 m² gelegen in een bos dat meestal op de Kempische zandgrond staat. Een minder doctrinaire en meer gebiedsgerichte aanpak is dus op zijn plaats.
Ivan Derycke
ondervoorzitter-persverantwoordelijke van het NKWV (Nationaal Komitee van Weekendverblijvers en Vaste bewoners)
ruimtelijke ordening
Uw samenvatting kan niet volledig zijn daarvoor is de gecreëerde wanorde te groot. Weinig of niets wordt op dezelfde wijze behandeld. Inderdaad het lof dat Van Mechelen zichzelf toedient is belachelijk, maar ook het stilzitten van de politieke verantwoordelijken is schrijnend!
Nagenoeg ieder volksvertegenwoordiger erkent het principe van de redelijke termijn, alleen in de praktijk gelukt de administratie erin om al die goedbedoelde decreten nefast om te buigen door spitsvondigheden. Dat de decreten steeds maar voor interpretaties vatbaar zijn, komt allicht ook omdat de meeste volksvertegenwoordigers advokaten zijn en hierin broodwinning zien!
Van Mechelen beloofde het decreet over "geacht vergund te zijn" voor constructies van voor het gewestplan decretaal aan te passen door enkel een vonnis als tegenbewijs te weerhouden. Van die belofte is geen sprake meer!
Vakantiewoningen zijn geen woningen volgens sommige gemeenten, dientegevolge kennen zij geen vrijgestelde werken en moet voor alles een vergunning aangevraagd worden. Zeker aan de kust zijn tweede verblijven de kip met de gouden eieren en worden de eigenaars uitgebuit. Terwijl rijke vaste inwoners soms O euro gemeentebelastingen betalen, moeten de tweede verblijvers soms 750 euro taks betalen!!! Absoluut onaanvaardbaar!
Menselijk en redelijkerwijs gezien is het probleem bijzonder eenvoudig. Een dikke streep onder het ver verleden zeg maar 20 jaar. Wie zijn constructie kan aantonen dient als vergund te worden ingeschreven. Weg met die zonevreemdheid en weg met elke ongelijke behandeling. Wonen moet kunnen in elke constructie, waar ook, voor zover die beantwoordt aan de wooncode. Hierdoor zouden zeer veel mensen een ruimer budget kennen en de druk op onroerend goed drastisch verminderen.
Frank Aerts