De Brusselse kloof

Overschot van gelijk hebben ze, de Vlaamse politici die de afgelopen week wederom pleitten voor een eengemaakte Brusselse politiezone. En die in dezelfde beweging de starheid aanklaagden van de negentien Brusselse burgemeesters die geen greintje macht aan het gewest willen afstaan.

Niet dat daar de ultieme oplossing ligt voor de Brusselse onveiligheid. Afgelopen weekend bleek opnieuw dat het probleem niet zozeer bij de politie ligt, die er best in slaagt om misdadigers te vatten, dan wel bij justitie, die ze even snel weer vrij laat. Bovendien ligt de kiem van veel onveiligheidsproblemen bij de torenhoge werkloosheid en die is vooral de verantwoordelijkheid van het gewest, waar Vlaamse partijen al twee decennia meeregeren.

Maar soit. Elke gelegenheid is goed om te herhalen dat het Brusselse institutionele imbroglio een grondige aanpak van de grootstedelijke problemen belemmert. Zeker als die problemen door machtige burgemeesters als Moureaux en Thielemans ook nog eens tot 'faits divers' worden herleid. Blijkbaar nemen ze voor lief dat ze van de eigen publieke opinie vervreemden, want over onveiligheid lijkt veel minder een Vlaams-Franstalige kloof te bestaan dan een kloof tussen sommige Franstalige politici en de rest van Brussel. Wacht men dan echt tot er een Brusselse Wilders of Dewinter opstaat?

Ondertussen beperken de burgemeesters zich tot het voeren van intentieprocessen tegen hun Vlaamse collega's die een sterker gewest bepleiten: Vlamingen zijn communautair geobsedeerd en willen meer macht. Op gemeentelijk vlak zijn ze nauwelijks vertegenwoordigd, op gewestelijk vlak wel, daarom willen ze de gemeenten kortwieken. Voilà, debat gecommunautariseerd en dus dood en begraven.

Terwijl dat argument uiteraard in twee richtingen werkt. Want verzetten Franstaligen zich dan niet enkel omdat ze hun macht willen behouden? Politici als Sven Gatz, Pascal Smet, Luckas Vander Taelen en Guy Vanhengel van communautaire obsessies beschuldigen is bovendien lachwekkend, want net zij staan vaak kritisch tegenover de communautaire obsessies van sommige van hun Vlaamse collega's. Vlaams Belang en N-VA zullen daarentegen niet snel een sterk gewest eisen. Franstaligen zouden hun Vlaamse bondgenoten misschien wat beter moeten uitkiezen.

En zo vermengen gemeentelijke politieke belangen zich met communautaire spookbeelden, waarbij de laatste vaak de eerste moeten verdoezelen. Al hebben Franstaligen - in tegenstelling tot wat we na een week Brussel-debat zouden kunnen denken - daar heus geen monopolie op.

Want niet alleen de negentien gemeenten zijn soms een maatje te klein voor een deugdelijk grootstedelijk beleid, op een aantal vlakken is ook het gewest dat. Goed bestuur op het vlak van arbeidsmarkt, mobiliteit of ruimtelijke ordening kan niet alleen uitgedacht worden binnen de grenzen van het Brussels Gewest, maar moet rekening houden met de hele Brusselse economische zone. En die reikt tot ver in Vlaams- en Waals-Brabant, zoals economen en geografen al jaren aantonen. Ondertussen sloegen ook de Vlaamse, Waalse, Brusselse en Belgische werkgeversorganisaties de handen in elkaar om een meer geïntegreerde aanpak te bepleiten voor de 'Brussels Metropolitan Region'. We hoorden het de voorbije week nauwelijks, maar dat Brusselse werklozen vaak niet tot bij Vlaams- of Waals-Brabantse arbeidsplaatsen raken, ligt óók aan de basis van het Brusselse veiligheidsprobleem.

De Brusselse socio-economische samenhang moet politiek vertaald en aangestuurd worden, op zijn minst door een doorgedreven samenwerking tussen de drie gewesten. Heel wat Vlaamse politici huiveren daar echter van omdat ze er een uitbreiding van Brussel in zien. Nochtans zijn er bij de oprichting van de eurometropool Lille-Kortrijk-Tournai, een mogelijke inspiratiebron voor het Brussels stadsgewest, ook geen taal- of staatsgrenzen verlegd.

Het waren vooral de gemeentebesturen in de Vlaamse Rand die de voorbije maanden met communautaire spookbeelden reageerden op de bestuurlijke en sociaaleconomische argumenten voor een meer geïntegreerd beleid in de Brusselse regio. Volgens sommigen zouden de burgemeesters vrezen op termijn aan macht in te boeten. Kortom: Vlaamse of Franstalige burgemeesters, in Brussel of in de Rand, allen verzetten ze zich tegen hun eigen doembeeld van een 'Groot-Brussel'.

Verscheen op 08/02/2010 in De Standaard, in het kader van de tweewekelijkse column van Dave Sinardet op maandag. Voor eerdere afleveringen, zie hier...